Acht jaar onder behandeling van KNO prof. V, in de laatste maand waren de klachten van Irene opeens 'psychisch'.

In 1989/1990 wordt Irene door nalatigheid van prof. V blijvend invalide gemaakt. Irene was al vanaf januari 1984 onder behandeling van deze professor. Zij werd toen met ernstige KNO-problemen in Ziekenhuis A opgenomen. Prof. V heeft met een grote KNO-operatie links in 1984 de ernstige klachten opgelost. Daardoor kreeg Irene groot vertrouwen in 'haar' professor. Irene was natuurlijk dolblij en ging trouw elk jaar enkele keren voor controle om verdere problemen te voorkomen. Helaas in augustus 1989 ontstonden toch weer ernstige KNO-problemen, nu rechts in het hoofd. Zij ging direct naar prof. V maar die houdt de nieuwe KNO-problemen onvoldoende onder controle en grijpt niet in, ondanks dat er een bacterie, de Staph. aureus en grootste veroorzaker van botinfectie, zich aan het vermenigvuldigen is in de afgesloten kaakholte. De problemen van Irene worden steeds erger en 9 maanden later volgt dan eindelijk toch een uitvoerig endoscopisch onderzoek door prof. V. Dan is het echter te laat, de bacterie heeft onherstelbare schade aangericht, er zijn al diepe putten op de achterwand van de kaakholte. Dat is het begin van botinfectie. Opnieuw volgt een grote, radicale, KNO-operatie, dit keer rechts. Irene wordt hierover en over mogelijke andere, minder agressieve medische behandelingen niet geďnformeerd. Ook niet over alweer een ziekenhuisbacterie die in haar hoofd gekweekt wordt, dit maal de Pseudomonas, De KNO operatie lijkt goed te gaan, er moet echter nog een kleine KNO operatie volgen, zegt prof. V. Het is dan de zomer van 1991.Na een 4-weekse rondreis in Amerika, Irene is klachtenvrij, wordt zij in november 1991 weer rechts geopereerd. De infectie is echter te ver doorgeschoten en ondanks nog twee KNO operaties en speciale medicijnen (ten bedrage van F 20.000)krijgt Irene ernstige KNO klachten, hart- en vaat problemen en wordt ook haar zenuwstelsel ontregeld tijdens al die behandelingen door prof. V, waarbij ook nog een slagaderlijke bloeding in het besmette operatiegebied plaats vindt. Prof. V kan de infectie niet meer tot staan brengen, maar wil deze blunder van een niet goed behandelde infectie in de sinussen, doorgeschoten tot botinfectie in de schedelbasis ook niet op zijn conto hebben. Botinfectie in je hoofd komt in de westerse wereld niet meer voor sinds er antibiotica is. Prof. V zou zich daarmee belachelijk maken bij zijn collega’s in binnen- en buitenland. Het is daarom noodzakelijk dat Irene tot psychiatrisch patiënt wordt verklaard, die lijdt aan ingebeelde klachten. Langzaam maar zeker worden daarom andere artsen in Ziekenhuis A beďnvloed en wordt het medisch dossier van Irene aangepast. Ook wordt geprobeerd Irene onnodig ‘psychische’ medicijnen te geven. De ingeschakelde psychiater kan echter geen ‘psychische’ oorzaak vinden. Later blijken o.a. vier medische foto’s in Dijkzigt foutief geanalyseerd te zijn! Irene wil een second opinion maar krijgt die niet van prof. V. Dan zorgt ze zelf voor een second opinion via haar huisarts in Ziekenhuis B. Echter prof. V blokkeert dit onderzoek en Irene wordt ondanks duidelijke lichamelijke problemen Ziekenhuis B uitgezet. Hetzelfde gebeurt ook bij een tweede poging om een second opinion te krijgen in het Ziekenhuis C. Deze keer vindt een nieuwe psychiater, hij is dan in opleiding, de meest idiote psychische problemen bij Irene. Gelukkig wordt er dan door de ingeschakelde cardioloog toch een oorzaak voor haar hart- en vaatklachten gevonden. Irene heeft, zo blijkt, een ernstige ondervulling van haar vaatsysteem, ook weer een gevolg van de ‘medische’ benadeling door prof. V; zonder behandeling van deze ondervulling zou Irene doodgaan. De collega KNO-arts van prof. V in Ziekenhuis C en de psychiater in opleiding willen haar desondanks naar huis sturen, maar de cardioloog voorkomt dat en laat haar ogenblikkelijk opnemen en ‘bijvullen’ om ernstige problemen te voorkomen. Uiteindelijk wordt Irene in het Ziekenhuis C toch niet verder behandeld, zij is als "foutje" van prof. V te ‘besmet’.Irene wijkt vervolgens uit naar het buitenland waar speciale botfoto’s worden gemaakt, die botinfectie in o.a. de schedelbasis aantonen. Zij komt in juni 1992 onder behandeling van KNO-professor Y. Deze heeft nog nooit zo een agressieve KNO-chirurgie gezien. In1994/1995 wordt in Ziekenhuis D in Nederland in overleg met prof. Y door de infectioloog een intraveneuze antibiotica behandeling gestart om de botinfectie alsnog te genezen. Dan komt de KNO(!)-afdeling van het Ziekenhuis D tussen beide. Het plaatsvervangend hoofd KNO doet een oppervlakkig onderzoek, kijkt links in plaats van rechts in de neus en concludeert "niets aan de hand" en bewijst dat met ( alweer foutief geanalyseerde) medische foto’s. Later blijkt dat ook deze foto’s wel degelijk positief waren. Ondertussen is wel de antibiotica-behandeling bij Irene die nog lang voortgezet zou worden, door het optreden van de KNO arts, (dus ten onrechte) gestopt.Irene is vanaf juni 1992 onder behandeling van KNO-professor Y. Deze heeft het botinfectieproces nog wel kunnen vertragen maar niet meer kunnen genezen, Irene blijft ernstig lichamelijk gehandicapt, zij wordt zieker en zieker en verkeert nu in een zeer slechte conditie met nog steeds hart- en vaatproblemen.

Irene heeft klachten tegen diverse artsen ingediend. De belangrijkste klacht tegen prof. V loopt nog steeds. Het Regionale Medische Tuchtcollege heeft een getuige-deskundige aangesteld, die in augustus 2000 een rapport heeft uitgebracht, na 15 maanden onderzoek. Dit rapport is vernietigend voor prof. V: hij heeft 4 KNO-operaties rechts ten onrechte uitgevoerd; hem wordt door de getuige-deskundige, verweten vaktechnisch onjuist gehandeld te hebben! Irene is inmiddels lichamelijk verminkt en haar lichaamsfuncties in het KNO-gebied zijn ver"ziekt".

Terug naar zwartboek